Interview Henk Timmerman.

Van hobbybrouwer tot Zware Jongen #1

Henk Timmerman: “Ik kreeg de ondernemer niet gevonden, dus ben ik het zelf maar geworden’

– Hoe lang bestaat Maallust al?

‘Eigenlijk al heel lang,’ zegt Henk Timmerman lachend. ‘In mijn hoofd zelfs al sinds 2004.’

In die periode was Henk fanatiek hobbybrouwer en speelde hij al met het idee om ooit een Zware Jongens-bier te brouwen. Tegelijkertijd werkte hij bij het Ontwikkelingsbureau Veenhuizen, waar hij vijf jaar lang betrokken was bij de herontwikkeling van het gevangenisdorp.

Zware jongen nummer 1 - Henk Timmerman

‘Vrijwel alle monumentale panden in Veenhuizen kregen een nieuwe bestemming. Op het Maallustcomplex was de oude graanmaalderij het laatste gebouw dat nog wachtte op een nieuwe invulling. Voor de melkfabriek was al snel een plan: daar kwam een kaasmakerij. Maar voor de graanmaalderij, waarin volgens de plannen een ambachtelijke brouwerij moest komen, vonden we jarenlang geen ondernemer. Potentiële kandidaten vonden het te klein en te afgelegen, Veenhuizen was velen té onbekend.’

Na een lange zoektocht besloot Henk dat hij zelf de stap maar moest zetten.

‘Ik kreeg de geschikte ondernemer niet gevonden en dacht uiteindelijk: dan ga ik het zelf proberen. Ik ben bevriende ondernemers gaan benaderen met de vraag of zij dit avontuur met mij wilden aangaan. Zij waren enthousiast en gingen weer in hun netwerk op zoek naar enthousiastelingen.’

Zo ontstond een groep van 25 ondernemers die samen Bierbrouwerij Maallust oprichtten. Ze noemden zichzelf De Zware Jongens; een naam met tevens een knipoog naar de gevangenisgeschiedenis van Veenhuizen.

‘We schreven een projectplan, gingen in gesprek met de Rijksgebouwendienst (destijds eigenaar van het pand), en uiteindelijk kwam er een huurcontract. Daarna kon de restauratie beginnen.’

De Rijksgebouwendienst stelde een restauratieplan op, waarin ook onderdelen van de toekomstige brouwerij werden meegenomen. Veel van de inrichting deden de Zware Jongens vervolgens zelf.

‘De brouwinstallatie hebben we grotendeels zelf ingebouwd, net als het proeflokaal. We kochten uiteindelijk een Kaspar Schultzinstallatie uit Bamberg. Onder brouwers geldt die als de Rolls-Royce onder de brouwinstallaties. Daarmee konden we met moderne techniek toch ambachtelijk bier gaan brouwen.’

Aanvankelijk wilden de ondernemers besparen door een tweedehands installatie te kopen.

‘Die stond ergens in Duitsland onder een kleed in een weiland. We wilden hem reviseren, maar de techniek bleek hopeloos verouderd. Uiteindelijk hebben we die installatie ingeruild voor de installatie waar we nu nog steeds mee werken.’

Volgens Henk was de keuze voor kwaliteit vanaf het begin vanzelfsprekend.

‘Met 25 ondernemers konden we een forse investering doen. We waren het er allemaal over eens dat we ons alleen konden onderscheiden door kwaliteit.’

Binnen de groep speelde ook Gert Kelder, samen met zijn vrouw Carina eigenaar van brouwerij Mommeriete in Gramsbergen, een belangrijke rol.

‘Zij hebben ontzettend veel betekend voor de totstandkoming van Maallust. Gert brouwde in het begin voor ons. Later kwam Bert als brouwmeester.’

– Een opening met tijdsdruk én een prins

Op 12 april 2011 werd Bierbrouwerij Maallust officieel geopend door prins Pieter van Vollenhoven, die destijds voorzitter van het Nationaal Restauratiefonds was. Die datum stond echter muurvast.

‘In mei zou het Open Nederlands Kampioenschap Hobbybrouwen in Veenhuizen plaatsvinden. Maar door de tussenkomst van de officiële opening,  moest werkelijk alles vóór 12 april klaar zijn. De complete planning ging op de schop en we zetten alles op alles om op tijd klaar te zijn voor de komst van de prins.’

Alleen was er nog één probleem.

‘Wat is een brouwerij zonder bier?’ grinnikt Henk. ‘Normaal maak je eerst een proefbrouwsel, maar daar hadden we simpelweg geen tijd voor. We hadden nog maar drie weken.’

Een helder bier was onmogelijk binnen die termijn. Daarom viel de keuze op een weizen.

‘Dat bier hoeft niet glashelder te zijn, maar mag juist een natuurlijke troebelheid hebben. Zo ontstond ons eerste bier: De Kolonist.’

Gert en Carina brouwden het eerste brouwsel met de nieuwe installatie.

‘Die bleek toch anders te werken dan ze gewend waren, maar het lukte. Alleen was het bier nog niet helemaal uitvergist en hadden we nog geen CO₂-meter. Dus sloten we het bier rechtstreeks aan op de tap…’

Henk vertelt lachend verder.

‘Het zat vól koolzuur. Té vol. Ik zie één van mijn collega’s nog staan, met het zweet op zijn voorhoofd.’

Ook de officiële opening leverde een bijzonder moment op.

‘Vooraf kregen we vanuit de provincie heel duidelijke instructies: de prins mocht absoluut géén bier aangeboden krijgen. Dat was uit den boze.’

Maar tijdens de rondleiding liep het anders.

‘De prins vertelde enthousiast over Van Vollenhoven Bier en de familiebrouwerij Van Vollenhoven. Toen dacht ik: ik vraag het gewoon. ‘Moet u niet even proeven, rechtstreeks uit de tank?’ Zijn antwoord was: ‘Maar natuurlijk moet ik proeven!’ En dat deed hij ook. De mensen van de provincie keken…’

Henk schiet opnieuw in de lach.

Na de opening volgde een maand later het Open Nederlands Kampioenschap Hobbybrouwen.

‘Toen hadden we inmiddels ook onze Blond en Vienna beschikbaar.’

– Heb je een favoriet biertype?

‘Nee, eigenlijk niet. Ik ben niet zo’n liefhebber van weizen, maar verder drink ik van alles. Dubbel, tripel… Op dit moment vind ik De Opzichter, ons speltbier, erg lekker. Ik houd vooral van seizoensbieren.’

– Waar ben je het meest trots op als je naar Maallust kijkt?

‘Op ons imago. We zijn een authentieke, ambachtelijke CRAFT-brouwerij. We lopen niet achter iedere hype aan; kwaliteit staat altijd voorop.’

Ook de ontwikkeling van het proeflokaal stemt hem tevreden.

‘Sinds een paar jaar hebben we het proeflokaal helemaal in eigen beheer. Voorheen werkten we met exploitanten. Door deze stap voelt het echt alsof we het samen doen. Dat vind ik misschien wel het mooiste.’

– Niet ieder brouwsel lukt. Wat gebeurt er met bier dat niet aan de kwaliteitseisen voldoet?

‘Dat gooien we niet weg. We werken samen met Zarko van distilleerderij Alambik in Midwolda. Hij distilleert de alcohol uit zo’n brouwsel. Dat distillaat gebruiken we vervolgens weer voor andere producten. Zo ontstond bijvoorbeeld onze Infused quadrupel, maar ook onze moutgin.’

Die manier van werken past binnen een bredere ambitie.

‘We zijn voortdurend bezig met de vraag hoe we zo min mogelijk afval produceren. Hoe maak je een kringloop binnen Veenhuizen? We zijn aan het onderzoeken of we lokale gerstteelt kunnen starten, bijvoorbeeld bij de Eerste Wijk en bij lokale boeren.  We willen kijken of we uiteindelijk zoveel mogelijk uit eigen en zeer lokale bronnen kunnen halen. Dat past ook bij de geschiedenis van Veenhuizen, dat vroeger vrijwel volledig zelfvoorzienend was. Natuurlijk zitten daar risico’s aan, zoals een misoogst, maar juist daar denken we nu over na.’

– Maallust naar de toekomst

De blik is bij Maallust dus niet alleen gericht op het verleden, maar ook zeker op de toekomst, en niet alleen maar op het brouwen van goed bier.
Maallust zoekt ook naar manieren om maatschappelijk verantwoord te ondernemen, waarbij de rijke geschiedenis van Veenhuizen als inspiratie dient. Een mooi voorbeeld daarvan is de hopteelt, die is gestart in 2018 in samenwerking met de Eerste Wijk en Penitentiaire Inrichting Veenhuizen. Op de agrarische percelen van de Eerste Wijk is professionele hopteelt opgezet en daar kopen diverse brouwerijen en hobbybrouwers hun hop. Lokale teelt, dus, met minimale transportkilometers. En gerealiseerd door mensen die  tijdelijk niet meedoen in de maatschappij en zo toch voeding houden met de wereld om hen heen, door te werken op het land, zoals dat vroeger ook ging in Veenhuizen.

Diezelfde gedachte wil Maallust de komende jaren verder uitbreiden.  ‘Uiteindelijk willen we zoveel mogelijk een kringloop van Veenhuizen creëren, waarin we onze grondstoffen lokaal verbouwen, verwerken en gebruiken. Dat past bij de geschiedenis van Veenhuizen én bij hoe wij de toekomst van Maallust zien.’

Foto: Foto geschoten door Zware Jongen #7. Deze keer niet óp de foto, maar erachter.